Dag 29

Bijbeltekst: Johannes 10: 22-33

Johannes 1:1-18

Het Woord van God

1In het begin was het Woord, het Woord was bij God en het Woord was God. 2Het was in het begin bij God. 3Alles is erdoor ontstaan en zonder dit is niets ontstaan van wat bestaat. 4In het Woord was leven en het leven was het licht voor de mensen. 5Het licht schijnt in de duisternis en de duisternis heeft het niet in haar macht gekregen.

6Er kwam iemand die door God was gezonden; hij heette Johannes. 7Hij kwam als getuige, om van het licht te getuigen, opdat iedereen door hem zou geloven. 8Hij was niet zelf het licht, maar hij was er om te getuigen van het licht: 9het ware licht, dat ieder mens verlicht en naar de wereld kwam. 10Het Woord was in de wereld, de wereld is door hem ontstaan en toch kende de wereld hem niet. 11Hij kwam naar wat van hem was, maar wie van hem waren hebben hem niet ontvangen. 12Wie hem wel ontvingen en in zijn naam geloven, heeft hij het voorrecht gegeven om kinderen van God te worden. 13Zij zijn niet op natuurlijke wijze geboren, niet uit lichamelijk verlangen of uit de wil van een man, maar uit God.

14Het Woord is mens geworden en heeft bij ons gewoond, vol van goedheid en waarheid, en wij hebben zijn grootheid gezien, de grootheid van de enige Zoon van de Vader. 15Van hem getuigde Johannes toen hij uitriep: ‘Hij is het over wie ik zei: “Die na mij komt is meer dan ik, want hij was er vóór mij!”’ 16Uit zijn overvloed zijn wij allen met goedheid overstelpt. 17De wet is door Mozes gegeven, maar goedheid en waarheid zijn met Jezus Christus gekomen. 18Niemand heeft ooit God gezien, maar de enige Zoon, die zelf God is, die aan het hart van de Vader rust, heeft hem doen kennen.

” 27 Mijn schapen luisteren naar mijn stem, ik ken ze en zij volgen mij. 28 Ik geef ze eeuwig leven: ze zullen nooit verloren gaan en niemand zal ze uit mijn hand roven. 29 Wat mijn Vader mij gegeven heeft gaat alles te boven, niemand kan het uit de hand van mijn Vader roven, 30 en de Vader en ik zijn één.” 

There’s no time for us
There’s no place for us
What is the thing
That builds our dreams
Yet slips away from us?
Who wants to live forever
Who wants to live forever?

Als we een geliefde verliezen of al eerder verloren hebben komt soms de vraag op: “God, waarom kunnen we niet eeuwig leven? Waarom is de dood er, die onze geliefden van ons wegneemt?” Queen zingt erover in de song ‘Who wants to live forever’, opgenomen kort voordat zanger Freddie Mercury ook zelf ernstig ziek werd. En tegelijk ervaren we dat er ook iets eeuwigs is aan die geliefde die we verloren.

Dat zijn natuurlijk de herinneringen aan die ene unieke persoon, die man of vrouw, dat kind. Tijdens rouwgesprekken vraag ik vaak: Wat was typisch jullie moeder, jullie vader, opa of oma, broer of zus? Wat kenmerkte hem of haar, wat waren typische gewoontes en uitspraken? En dan komen er altijd mooie verhalen en herinneringen. En in al het verdriet wordt er vaak ook gelachen.

De Bijbeltekst van vandaag biedt daarin ook troost. Jezus vergelijkt zijn volgelingen met schapen. Ze zullen nooit verloren gaan:

27 Mijn schapen luisteren naar mijn stem, ik ken ze en zij volgen mij. 28 Ik geef ze eeuwig leven: ze zullen nooit verloren gaan en niemand zal ze uit mijn hand roven. 29 Wat mijn Vader mij gegeven heeft gaat alles te boven, niemand kan het uit de hand van mijn Vader roven, 30 en de Vader en ik zijn één.

Een troostende tekst: Bij God zijn wij gekend, tot in eeuwigheid. Wie wij ten diepste zijn, onze ziel, ons wezen, gaat in God nooit verloren.

Een vraag om over na te denken: Hoe zou jij herinnerd willen worden?