Dag 33

Bijbeltekst: Lucas 20: 9-19

Johannes 1:1-18

Het Woord van God

1In het begin was het Woord, het Woord was bij God en het Woord was God. 2Het was in het begin bij God. 3Alles is erdoor ontstaan en zonder dit is niets ontstaan van wat bestaat. 4In het Woord was leven en het leven was het licht voor de mensen. 5Het licht schijnt in de duisternis en de duisternis heeft het niet in haar macht gekregen.

6Er kwam iemand die door God was gezonden; hij heette Johannes. 7Hij kwam als getuige, om van het licht te getuigen, opdat iedereen door hem zou geloven. 8Hij was niet zelf het licht, maar hij was er om te getuigen van het licht: 9het ware licht, dat ieder mens verlicht en naar de wereld kwam. 10Het Woord was in de wereld, de wereld is door hem ontstaan en toch kende de wereld hem niet. 11Hij kwam naar wat van hem was, maar wie van hem waren hebben hem niet ontvangen. 12Wie hem wel ontvingen en in zijn naam geloven, heeft hij het voorrecht gegeven om kinderen van God te worden. 13Zij zijn niet op natuurlijke wijze geboren, niet uit lichamelijk verlangen of uit de wil van een man, maar uit God.

14Het Woord is mens geworden en heeft bij ons gewoond, vol van goedheid en waarheid, en wij hebben zijn grootheid gezien, de grootheid van de enige Zoon van de Vader. 15Van hem getuigde Johannes toen hij uitriep: ‘Hij is het over wie ik zei: “Die na mij komt is meer dan ik, want hij was er vóór mij!”’ 16Uit zijn overvloed zijn wij allen met goedheid overstelpt. 17De wet is door Mozes gegeven, maar goedheid en waarheid zijn met Jezus Christus gekomen. 18Niemand heeft ooit God gezien, maar de enige Zoon, die zelf God is, die aan het hart van de Vader rust, heeft hem doen kennen.

” 13Toen zei de eigenaar van de wijngaard: “Wat moet ik doen? Ik zal mijn geliefde zoon naar hen toe sturen, voor hem zullen ze toch wel ontzag hebben.” ” 

Kleine jongen
Je bent op deze wereld
dus zal je moeten vechten net als ik
Ik kan het weten
Het leven is niet makkelijk
Er is tegenspoed op ieder ogenblik

Kleine jongen
Er zijn veel goede mensen
Maar slechte zijn er ook helaas ’t is waar
Je moet maar denken:
Dat jij straks gaat beseffen
Dat eerlijk het langste duurt geloof me maar

Dit leven gaat voorbij
Er is zo weinig tijd, dus leef, want jij bent vrij
Maar doe het wel verstandig: maak de mensen blij
Dan zul je echt gelukkig zijn

Jezus vertelt een gelijkenis over de eigenaar van een wijngaard, die zijn wijngaard verpacht en zelf op reis gaat. Als hij twee keer een knecht stuurt om de opbrengst van de wijngaard te gaan ophalen, gaat er iets mis. De wijnbouwers lijken verblind te zijn geraakt door hebzucht, ze mishandelen de knechten en gooien hen de wijngaard uit. En dan stuurt de eigenaar van de wijngaard zijn zoon, zijn kleine jongen die nu volwassen is geworden.

Is de vader naïef dat hij denkt dat de wijnbouwers wel respect voor hem zullen hebben? Iedere ouder weet hoe het voelt om je kind los te laten in de wereld: Trots en angst, vertrouwen en bezorgdheid gaan altijd samen. De gelijkenis loopt niet goed af voor de zoon. Maar ook de wijnbouwers komen er niet mee weg. Jezus wijst met deze gelijkenis vooruit naar zijn eigen sterven. Maar ook naar zijn opstanding: de steen die werd weggesmeten wordt tot hoeksteen.

Een vraag: Wanneer besefte jij als kind of tiener dat het leven niet alleen zorgeloos was?